Door: &C Redactie
We willen het allebei: iemand die onze sokken wast én ons hart laat racen. Veiligheid en spanning ineen. Maar hoe hou je het vuur brandend zonder je partner te verliezen? Spoiler: met een klein beetje afstand kom je al een heel eind.
Het is de million dollar question uit een TedTalk van relatiepsycholoog Esther Perel. Kan je eigen huis je droomhuis zijn, of is het gras van de buren altijd groener? Kan je elke dag weer zin hebben om je schoenen/tas/jas van een paar seizoenen terug te dragen, of levert het meer hartstocht op om door de nieuwste collecties te scrollen? De vraag geldt natuurlijk ook voor je partner: kan je begeren naar wat er in je bed ligt, of verlangen we toch altijd naar iemand op afstand?
Over precies die laatste vraag gaat de TedTalk van Perel. Ze stelt daarin dé grote paradox van een moderne, romantische relatie aan de kaak: we willen veiligheid én spanning ineen. Enerzijds is daar onze menselijke behoefte naar stabiliteit en rust: we willen iemand bij wie we ons op ons gemak voelen, bij wie we in pyjama chagrijnig door het huis kunnen stampen, iemand bij wie we ons hart kunnen luchten. Anderzijds verlangt de mens naar mysterie en avontuur: we willen óók iemand met wie op vrijdagavond de vlam in de pan slaat, met wie we de sterren uit de hemel kunnen vrijen. Iemand die de vlinders in onze buik laat rondfladderen en die ook ons aanbidt, verafgoodt, op handen draagt. Kan dat dezelfde persoon zijn die ook je onderbroeken wast? Die de kinderen naar bed brengt en voor de APK zorgt?
Seks voor plezier en verbinding
Misschien eerst maar eens een ontboezeming. Want ik herken die paradox namelijk als geen ander. Elke keer als ik in vorige relaties dacht dat ik de liefde van mijn leven had gevonden; als we zondags langsgingen bij de schoonouders, een gezamenlijke agenda introduceerden of begonnen met de ‘weekboodschappen’, precies op dat moment begon ik steevast te verlangen naar andere mensen. Verlangde ik koortsachtig om te tongzoenen in de branding met die ene collega, naar een tripje Parijs met die verre vriend, ik werd hebberig naar spanning, sensatie, begerende handen die mijn lichaam voor het eerst aanraakten, een stel ogen die mij voor het eerst bekeken. En ja, hier liepen dan ook de nodige relaties op mis. Waarom ik dit voor het eerst niet ervaar in mijn huidige romantische relatie, daarover straks meer.
Volgens Esther Perel bestaat dit romantische probleem nog niet zo lang. Het komt namelijk omdat we nog nooit in de geschiedenis zoveel verlangden van een geliefde. Onze partner moet onze beste vriend, co-ouder, financieel partner, geile minnaar, sympathieke huisgenoot, vakantiegenoot, therapeut en nog veel meer tegelijkertijd zijn. We verwachten alles in één persoon. Waar we tot nog niet zo lang geleden vooral in gemeenschappen leefden, wonen en leven inmiddels de meeste mensen óf alleen óf in een kerngezin (vader, moeder en gemiddeld twee kinderen). Zo afgezonderd als we nu leven, hebben mensen nog nooit geleefd in de geschiedenis. En dat legt een grotere druk bij die ene partner. Wat dat betreft verlangden ze in vroegere tijden veel minder van de echtgenoot. Het huwelijk was vooral een zakelijke overeenkomst: hij zorgde voor het geld, zij voor de kinderen. Wie genoeg geld had, sliep liever apart. Liefde was iets om met een romannetje bij weg te dromen. Seks was er om baby’s mee te maken. Ik zou voor geen miljoen met mijn (overgroot)oma’s willen ruilen, maar ze moeten minder onrust hebben gehad, simpelweg omdat ze minder verlangden.
Wat is er ook veranderd in de tussentijd? Vrouwen zijn zelfstandiger geworden. Ze zijn massaal de werkvloer opgegaan en financieel onafhankelijk(er) geworden. En als je je eigen geld verdient, kun je ook meer eisen. We weten inmiddels ook eindelijk af van het bestaan van de clitoris, waardoor vrouwen (gelukkig) ook genot verlangen tussen de lakens. Door de seksuele revolutie in de jaren zestig, werd seks tussen bedpartners die geen relatie hadden, bovendien in een klap veel normaler. Het is de eerste keer in de geschiedenis, zegt ook Perel, dat we seks willen voor plezier en verbinding; iets dat voortkomt uit verlangen.
Eisprong vergroot het verlangen
Nog een verschil tussen mijn (groot)overgrootmoeder en mij: ik kon vanaf mijn tienerjaren aan de anticonceptiepil. In het boek Je brein aan de pil (2019) schrijft Sarah Hill over een verontrustende bijwerking van de pil: mensen die de anticonceptie slikken, zouden op andere mannen vallen. In haar boek laat ze meerdere vrouwen aan het woord die, nadat ze gestopt zijn met de pil, afknappen op hun 'veilige' partner en plots het avontuurlijke type aantrekkelijker vinden. De pil zou, kortom, zorgen dat je kiest voor iemand die handig is om een veilig nest mee te bouwen.
Inmiddels weten we dat dit niet helemaal waar is, vertelt psycholoog en hormonenexpert Estrella Montoya. De pil kan meerdere psychische effecten hebben, zoals depressieve gevoelens, stemmingswisselingen en libidoverlies, maar je voorkeur voor partners verandert er niet door. Wat die getransformeerde voorkeur van die vrouwen kan verklaren, is dat ze door het stoppen van de pil méér libido kregen of beter in hun vel kwamen te zitten, en daardoor op andere bedpartners vielen. In Montoya’s boek Hormonen en vrouwen, de invloed van hormonale veranderingen op hersenen, gedrag en emoties (2024) komen vrouwen aan het woord die na het stoppen met de pil namelijk méér gaan voelen. Ze ervaren voordat ze ongesteld worden meer onzekerheid en vermoeidheid, maar tijdens hun vruchtbare dagen zijn ze veel flirteriger en geiler. En dat kan kloppen, want, zegt Montoya, 'de pil zorgt voor een drastische verlaging van testosteron, een hormoon dat zorgt voor seksueel verlangen.'
Verder lezen? Je vindt het hele verhaal in de nieuwste &C.

:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))