Door: Redactie
In 'Aan/uit' vertelt in iedere &C-editie iemand over de periode waarin hun relatie aanging, en hoe deze vervolgens weer uitging. Met deze editie: Joske (41) zag Thijs als haar droomprins. Maar niet elk sprookje kent een happy end.
Aan
'Thijs en ik waren zo'n koppel dat iedereen betitelt als 'het perfecte stel'. A match made in heaven zeiden we vaak tegen elkaar, zo voelde het echt. Sterker nog: als ik zelf een droomprins had mogen ontwerpen, had hij eruitgezien zoals Thijs: tall, dark and handsome. En hij had nog hersens ook.
Ik ontmoette Thijs op mijn 27ste op een verjaardag. Hij was door zijn bijzonder smakelijke uiterlijk een opvallende verschijning. De leukste vrouwen zwermden om hem heen en het viel me op dat hij iedereen even aardig benaderde. Niks hooghartigheid. Ik zocht hem niet op, dacht dat ik geen kans zou maken. Mannen met de looks van Thijs weten vaak van zichzelf dat ze knap zijn. Maar Thijs stapte op mij af en vroeg in welk studentenhuis ik woonde.
Er ontspon zich een interessant gesprek. Omdat mijn ouders het nooit belangrijk hadden gevonden dat ik ging studeren, was ik uit gemakzucht naar het mbo gegaan. Daardoor had ik geen recht op een plek in een officieel studentenhuis. Ik vond dat altijd wel best, voelde gewoon geen greintje ambitie. Mijn werk in een woonwinkel was wellicht niet hemelbestormend, maar ik had het er wel naar mijn zin. Thijs ging de diepte in, vroeg me hoe ik mijn toekomst zag en waarom ik genoegen nam met gemakzucht. Ik vond het een amusant gesprek, hij prikkelde me.
Lees ook: Fleur ontmoette de Britse Tom op het Oktoberfest: 'Ik heb gewoon m'n eigen Jude Law, dacht ik'
Des te langer we die avond met elkaar spraken, des te meer keek ik naar hem op. Thijs was ingenieur. Hij had mooie verhalen en anekdotes. En hij had veel reizen gemaakt, terwijl ik hele zomers in Italië op het strand had gelegen. Hij kon de Karpaten aanwijzen op de landkaart, wist wie Couperus was en had de Spaanse Trappen beklommen. Vier dagen na het feestje sms'te hij me. Hij had mijn nummer gekregen van de gastvrouw en vond het gesprek met mij zo naturel en zonder bombarie dat hij me mee uitvroeg.
We bleven maar kletsen in die pizzeria en hij gaf aan dat de meeste vrouwen hoogdravend tegen hem deden om interessant genoeg voor hem te zijn. Of ze waren te zelfverzekerd en zonder humor. Mij vond hij 'schattig'. Hij zag in mij veel meer dan mijn ouders hadden gedaan. Zijn benadering stimuleerde me. Het leek of Thijs me wakker had geschud. Hij kietelde me. En ja, zijn uiterlijk hielp ook mee. Ik ging op Italiaanse les en op een kookclub. En vond ik mijn baan eigenlijk wel zo leuk? Zat er echt meer in mij dan ik zelf altijd geloofde?
We bleven daten en werden knalverliefd. Na een halfjaar gingen we samenwonen, maar het duurde in totaal twee jaar voordat ik hem écht durfde te vertrouwen. Knappe mannen heb je nooit alleen en hij zou me zo weer zat zijn. Thijs bleek de uitzondering. Hij droeg me op handen, liet me altijd weten waar hij was en ik heb geen enkele seconde achterdocht gevoeld of hem op een leugen betrapt. Op de dag dat we drie jaar verkering hadden, stapte ik aan zijn arm het stadhuis binnen en kwam naar buiten als zijn echtgenote. Ik dacht dat ik de jackpot had gewonnen. Deze man was perfect. En hij hield alleen van mij. Wat kon er nou nog misgaan?'
Uit
'Na ons huwelijk kochten we een huis voor een 'frisse start'. Ik nam de gok en zegde mijn baan op voor iets totaal nieuws. Ik werd assistent-verkoper bij een importeur. Het niveau was laag, maar mijn nieuwe werkgever beloofde veel kansen als ik me bewees. Het leven lachte ons toe. We verbouwden het huis, ruilden ons kleine Mazdaatje in voor een luxewagen en genoten van ons leven. Kinderen wilden we allebei niet.
Ik zat helemaal op mijn plek bij mijn nieuwe werkgever en na een jaar of drie kreeg ik mijn eerste promotie. Twee jaar later de volgende. Alle kennis die ik opdeed, schrokte ik op. Ik volgde een avondstudie, verbeterde het facturatieproces en ontwikkelde een handboek voor mijn afdeling. Ik leefde op adrenaline nu mijn carrière zo vlot verliep. Ik werkte hard, zette me maximaal in. In de avonden reageerde ik mezelf af door te sporten. Ik was 36 en in de bloei van mijn leven. Mijn lichaam was getoned, ik voelde me on top of the world en mijn werk was een speelvijver. Zodra ik initiatief nam en met een nieuw idee kwam, ging mijn baas daar vrijwel altijd in mee.
Door al die ontwikkelingen veranderde onze relatie. Voorheen had ik huizenhoog opgekeken tegen Thijs-De-Ingenieur-met-een-hbo-diploma. Nu kon ik hem bijbenen. Bij lastige vragen of kennisquizzen was ik hem steeds vaker te slim af. Ik groeide enorm. Apetrots was ik, toen ik na negen jaar bij deze baas op mijn 39ste een leidinggevende functie kreeg. Terwijl Thijs al die jaren dezelfde functie had achter hetzelfde bureau en elk jaar een loontrede opschoof, gaf ik ineens trainingen aan nieuw personeel en voerde evaluatie- en functioneringsgesprekken.
Op een avond stond ik huilend onder de douche. Ik had die middag voor het eerst iemand ontslagen. Kapot was ik ervan. Snikkend viel ik in Thijs' armen, maar hij verzandde in clichés. Begreep gewoon niet hoe ik me voelde, hoe het voelde om iemands zekerheid weg te moeten nemen. Steeds vaker kon ik niet bij hem terecht met dingen waar ik tegenaan liep. Ik was hem ontgroeid. Zijn wereld was sinds ons huwelijk kleiner geworden. De mijne groter. Hij had bereikt wat hij wilde, een fijn huis, leuke vakanties, een baan als technisch tekenaar. Voor hem was dat voldoende.
Als ik met hem wilde praten over politiek of me verdiepte in marktontwikkelingen, ging hij appeltaart bakken of computerspelletjes spelen. Van de stoere man die hij was toen ik hem leerde kennen, veranderde hij in een jongen met een kookschort om. Ik vertelde hem steeds minder. Wilde hem sparen omdat hij me niet meer begreep. Thijs wees mij op zijn beurt af. In bed draaide hij me zijn rug toe als ik eindelijk het licht uitknipte nadat ik verkooptabellen had doorgespit.
Een halfjaar later was mijn stoere prins veranderd in een gameverslaafde. Echte gesprekken voerden we niet meer. Ik vond hem per dag oninteressanter worden. Op een ochtend reed ik langs een hoekhuis waarvoor een bordje 'te huur' stond. Ik betrapte mezelf erop dat ik me afvroeg hoe ik het zou inrichten als ik daar zou wonen. Welke kleur gordijnen ik zou nemen. Ik schaamde me diep voor mijn gedachten, maar telkens als ik langs het huis reed, kwamen dezelfde verlangens terug. Het was in die periode dat Thijs me zomaar ineens een sms stuurde. 'Ik ben bang,' schreef hij. Toen ik vroeg wat hij daarmee precies bedoelde, schreef hij: 'Bang om jou te verliezen.' Mijn hart versplinterde. Het was alsof we allebei aanvoelden wat er ging gebeuren.
Een maand later was het zomervakantie. Op een warm strand zou het vast beter gaan. Onze vakanties waren immers altijd geweldig. In Spanje lag ik in onze tent naast Thijs en luisterde in het donker hoe hij lag te slapen. Tot in het puntje van mijn tenen zocht ik naar herinneringen die mijn gevoel voor hem weer zouden aanwakkeren. Het hielp niet. Aan het eind van onze vakantie tipte een ander stel ons het prachtige uitzicht op een berg op nog geen halfuur rijden van de camping. Het was op het hoogste punt van die berg dat ik besefte dat ik niet meer van Thijs hield. De koek was op. Lachend maakten we een foto van onszelf en terwijl ik afdrukte, wist ik dat het onze laatste vakantiefoto in dertien jaar zou zijn. De hele afdaling heb ik in de auto zitten huilen omdat ik wist wat ik thuis zou gaan vertellen.'
Het verhaal van Joske staat in &C's septembernummer dat nu in de winkels ligt. Ren dus om snel meer van dit soort spetterende verhalen te lezen, of bestel 'm vast hier online:
Shop &C's septembernummer 'Effe kappen nou' hier!
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))