Door: Anne van Aartrijk
Musicalacteur Ivo Chundro leefde dertien jaar met een geheim: hij heeft hiv. In aanloop naar Wereldaidsdag doorbreekt hij nu zijn stilzwijgen, om aandacht te vragen voor de wereldwijde aidscrisis die gaande is, de onwetendheid die rondom het virus bestaat en de eenzaamheid die de diagnose met zich mee kan brengen.
Ivo (49): ''Kijk zelf maar,' zei de verpleegkundige, terwijl ze het computerscherm omdraaide. Het was een reguliere soa-check-up, zoals ik elk jaar een keer deed. Normaal gesproken ging mijn beste vriend mee om me te steunen, ik was elke keer bang om de diagnose hiv te krijgen, maar dit keer was ik alleen. 'Het is oké,' had ik tegen hem gezegd. 'I got this.' Aan haar blik zag ik meteen dat het mis was. Op het scherm las ik wat zij niet hardop durfde uit te spreken, waar ik al die tijd bang voor was geweest en wat mijn hele leven zou veranderen: hiv-positief.
Ik implodeerde. In mijn hoofd vond een ontploffing plaats, en tegelijkertijd een oorverdovende stilte. Ik zat daar maar, voor mezelf uit starend, terwijl ik alleen 'oké' uit kon brengen. 'Wil je wat drinken?' 'Oke.' 'Wil je hier nog even zitten?' 'Oké.' 'Gaat het met je?' 'Oké.' Na een half uur heb ik mijn spullen gepakt en ben ik naar huis gegaan om me klaar te maken voor het theater. Ik moest namelijk gewoon een voorstelling spelen. Afzeggen kon niet, mijn gevoelens toelaten ook niet, want vanaf het allereerste moment wist ik: dit mag ik tegen niemand zeggen. Een paar jaar eerder speelde ik een voorstelling met een collega die wel open was over zijn hiv-diagnose. Voor die voorstelling dansten we veel op blote voeten en tijdens een repetitie sneed hij zijn voet ergens aan, waarna hij begon te bloeden. Ik vergeet nooit meer hoe hysterisch iedereen daarop reageerde. Doodsbang voor die ene druppel bloed, doodsbang voor hem. Als het mij ooit overkomt, dacht ik, deze ziekte, dan is het belangrijkste dat ik mijn mond dichthoud. Want dit? Dit stigma, dit oordeel, deze afwijzing, de schaamte? Dit wilde ik nooit meemaken.'
Ingestort op het toneel
'Tegenwoordig begin je na een hiv-diagnose vrij snel met medicatie die het virus onderdrukt en voorkomt dat je ziek wordt en het zich ontwikkelt naar aids, maar destijds niet. Ik werd eerst gekoppeld aan een arts, die de waarden in mijn bloed in de gaten hield. Pas als die onder een bepaald niveau zouden belanden, moest ik met medicatie beginnen. De medicatie voorkomt ook dat je hiv op welke manier dan ook kunt overdragen, maar nu ik het nog niet nam, kon ik het dus nog wel overdragen. Ik werd extreem voorzichtig en begon mezelf te isoleren. Ik was bang dat mensen iets aan me zouden zien en durfde letterlijk niemand aan te raken. Als ik thuis zat, zat ik alleen in mijn verdriet. Ik kon niet stoppen met huilen. Elke keer als ik naar buiten ging, dacht ik: wegstoppen en gaan. Ik ging alleen nog de deur uit voor een voorstelling, speelde, ontving applaus, ging terug naar huis en deed de deur weer dicht. Zo ging het een paar maanden, totdat ik volledig instortte op het toneel.
Eerder die dag had ik een spiegel met scherpe randjes opgepakt, waarmee ik per ongeluk mijn handen had opengehaald. Ik verbond het extra dik en ging naar het theater, want opnieuw: afzeggen kon niet, erover praten kon niet. Voor de voorstelling die we destijds speelden moesten we allerlei objecten vasthouden, waardoor mijn wond openging. Het bloed sijpelde langzaam door het verband heen. Ik raakte compleet in paniek. Hyperventilerend rende ik van het toneel af. 'Jullie moeten iemand roepen,’ zei ik backstage tegen de kleedster, 'want ik ga deze voorstelling niet af kunnen maken.' 'Ivo, het wordt zo tien uur hoor,' antwoordde ze. Ze dacht dat ik moe was. 'Nee, het gaat niet meer,' zei ik. 'Wat gaat niet meer?' vroeg ze. 'Het,' riep ik. 'Het. Het gaat niet meer. Ik kan niet meer.' Het lukte me niet meer om de tranen tegen te houden. Huilend liep ik het Beatrix Theater in Utrecht uit, huilend zat ik in de trein naar Amsterdam en huilend deed ik thuis de deur open. Dit gaat zo niet langer, besefte ik. Ik moet met medicatie beginnen, en dat niet alleen: ik moet mentale hulp gaan zoeken en deze diagnose op de een of andere manier een plek geven.'
Dertien jaar later
'Vijf maanden na de diagnose nam ik voor het eerst de twee pillen die ik voor de rest van mijn leven moest gaan slikken. Die realisatie, dat ik nooit meer zonder die pillen zou kunnen, vond ik heftig. Tegelijkertijd wist ik: vanaf nu gaat het beter worden. Vanaf nu kon ik de hiv niet meer overdragen en hoefde ik me niet meer op te sluiten. Maandenlang was het ontzettend donker in mijn hoofd, maar die dag dacht ik: ik wil mijn best doen om weer gelukkig te worden. Dertien jaar later kan ik zeggen dat dat is gelukt, maar wel met een heleboel vallen, opstaan en weer vallen. In dat eerste jaar heb ik het vier vrienden verteld, een jaar later mijn broer en twee jaar later mijn moeder. Ze reageerden begripvol, maar ik zag ook hoeveel verdriet het nieuws ze deed. Het was moeilijk om ze dat aan te doen. Voor de buitenwereld hield ik mijn hiv nog steeds geheim. Ik bleef bang dat anderen me zouden veroordelen en afwijzen. Soms gebeurde dat ook. Toen ik voor het eerst weer verliefd werd, bijvoorbeeld, en het na een tijdje wel tegen hem moest zeggen. 'Dankjewel dat je dit deelt,' zei hij. De volgende ochtend wilde hij me spreken. 'Ik heb er een nachtje over geslapen, maar ik denk niet dat ik een relatie kan hebben met iemand met hiv.' Het brak mijn hart. Met medicatie heeft de hiv geen enkele invloed meer, en toch wees hij me af. Tegelijkertijd snapte ik het wel. Je kijkt naar de wereld door de bril van informatie die je hebt. Veel mensen weten nog altijd te weinig over hiv. Maar het bevestigde wel mijn gevoel: een deel van mij kon ik beter verborgen houden. Ik zette mijn hart weer op slot, ging elk gesprek dat een bepaalde kant op kon gaan uit de weg en nam mijn pillen altijd alleen in mijn kleedkamer, zodat niemand vragen kon stellen. Het is moeilijk uit te leggen hoe eenzaam dat is.
Toch dacht ik afgelopen jaren steeds vaker: doe ik er wel goed aan om het geheim te houden? Terwijl ik in de musical Rent speelde, bijvoorbeeld, die over een groep jonge artiesten gaat die zich staande proberen te houden in de aidsepidemie. Als iemand die zijn hiv nog steeds geheim hield, was dat heel confronterend, zonder dat iemand wist waarom. Weer werd ik overvallen door eenzaamheid en belandde ik in een donkere periode. Maar het gaat verder dan het persoonlijke. Afgelopen januari dacht ik het ook, toen bekend werd gemaakt dat de Trump-regering het PEPFAR-initiatief stopzette om te bezuinigen. Dit betekent dat mensen afhankelijk van ontwikkelingshulp wereldwijd hun toegang tot hiv-preventiemiddelen, tests en levensreddende medicijnen zijn verloren. En als je geen toegang meer hebt tot medicatie, kan hiv omslaan naar aids. Mijn pillen kwamen nog steeds uit de muur van de apotheek, maar wereldwijd liepen enorm veel mensen hierdoor een groot risico. Waar ik me eerder zo alleen voelde in mijn diagnose, voelde ik me ineens heel erg verbonden met deze mensen. Het triggerde me om iets te doen. Toen ik een paar jaar geleden de organisatie van het Musical Benefiet Gala op me nam, kwam alles samen. Het Musical Benefiet Gala wordt dit jaar namelijk op 1 december, oftewel Wereldaidsdag, georganiseerd om geld op te halen voor aidsbestrijding. Ter voorbereiding sprak ik met Aidsfonds, met wie ik uiteindelijk ook mijn persoonlijke verhaal deelde. Samen kwamen we op het idee: wat als ik mijn stilzwijgen doorbreek, mijn persoonlijke verhaal deel en zo aandacht vraag voor de wereldwijde aidscrisis die gaande is en de grote onwetendheid die er nog altijd is rondom het virus?'
Niets blijft
'Vandaag is het zover. Voor het eerst zeg ik tegen de buitenwereld: ik leef al dertien jaar met hiv. Omdat muziek mijn taal is, heb ik samen met Angela Groothuizen een remake gemaakt van haar nummer Niets Blijft. Het nummer komt vandaag uit en we zullen het ook samen zingen op het Benefiet Gala. Niets Blijft krijgt daarmee een nieuwe betekenis: het gaat over verandering, verlies, moed en verbinding. Bovendien staat het nummer symbool voor de tijd waarin je met deze diagnose nog altijd binnen korte tijd kon komen te overlijden. Een tijd die door de huidige ontwikkelingen op het gebied van internationale aidsbestrijding juist weer dichterbij is dan ooit. Niets blijft. Daarbij heeft het nummer ook een persoonlijke betekenis. Ik zou in 2012 op uitnodiging van Angela meedoen met The X-Factor, maar omdat dat een paar maanden na mijn diagnose opgenomen zou worden, ik door hele donkere tijden ging en niet open durfde te zijn, moest ik me terugtrekken. Met deze nieuwe uitvoering hoop ik dat stigma te doorbreken.
Als ik iets tegen die Ivo van dertien jaar geleden zou kunnen zeggen, zou het zijn: het gaat even duren, maar het komt helemaal goed. Uiteindelijk ga je trots op jezelf zijn. En aan de rest van de wereld: het is oké om je kwetsbaar op te stellen. Zeker als het over hiv gaat, gun ik iedereen de bevrijding van de eenzaamheid en het geheim. Ik gun die ene jongen dat hij het wel aan zijn moeder durft te vertellen. En laten we onszelf beter informeren, zodat we er niet zo krampachtig over hoeven te doen. Het is 2025. Je kunt hiv hebben én een gezond leven leiden. Je kunt gelukkig zijn. Je kunt van jezelf houden.'
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))