Door: Leonie ter Braak
Mijn naam is Leonie en ik ben een curlingouder.
Het kwartje viel ineens deze week. Onze oudste heeft zijn allereerste spreekbeurt. Een gebeurtenis die ongeveer het hele gezin bezighoudt. In eerste instantie was ik helemaal niet van plan hem uitgebreid te gaan helpen. Het is zijn opdracht, niet de mijne. Uiteraard help ik hem een handje maar hij moet het vooral zelf doen. Ook in de grote mensenwereld doppen we onze eigen boontjes. Straks ben ik er ook niet om alles voor hem op te lossen. Dan maar hakkelend voor de klas of een slecht voorbereid verhaal. Van een onvoldoende leer je ook veel.
Al weken hoor ik hem enthousiast vertellen over klasgenoten met powerpoints, quizzen en hoge cijfers. Speelafspraken met vrienden worden van hun kant verzet want er moet thuis geoefend worden. In het begin sloeg ik er nog geen acht op. Ik vind het vooral belangrijk hem ervan te overtuigen dat een hoog cijfer niet belangrijk is.
Totdat een leuke moeder op het schoolplein tussen neus en lippen informeert naar de stand van zaken van onze voorbereiding van de spreekbeurt. Ineens voel ik nattigheid. Op mijn vraag of zij er erg druk mee is moet ze lachen. 'Wie van de ouders niet!'.
Nu verkeer ik in een gewetenskwestie. Als alle kinderen geholpen worden door het thuisfront moet ik wel van hele goeie huize komen wil ik mijn kind aan z'n lot overlaten.
Ik kan mij niet herinneren dat mijn ouders dagen in de weer waren met een schoolopdracht bestemd voor mij. Ze zullen vast geholpen hebben maar het komt niet in de buurt van wat er zich momenteel thuis bij ons afspeelt. Er wordt een powerpoint presentatie in elkaar gezet die niet zou misstaan op een congres voor volwassenen.
Wel heb ik nog een herinnering aan mijn eigen eerste spreekbeurt. Ik zie het kleine klaslokaal van de dorpsschool zo voor me: het ouderwetse groene schoolbord, het uitzicht op de voetbalvelden met daarachter het maisveld van boer Johan. Dagen had ik geoefend voor de spiegel in mijn slaapkamer om mijn verhaal over popidool Madonna zo goed mogelijk in mijn hoofd te stampen. Met vuurrode konen stond ik voor het grote schoolbord. Hoofdmeester Steggink, niet al te scheutig met complimentjes beloonde mij destijds met een acht. De voldoening die dat gaf kan ik nog steeds voelen.
Terwijl we druk bezig zijn met de powerpoint-presentatie denk ik aan al die ouders die niet handig zijn met zo'n computerprogramma of misschien helemaal niet in het bezit zijn van een laptop. Of aan dat kind dat wel staat te klooien voor de klas omdat er thuis gewoonweg niet dat vangnet is. Door al die fanatieke ouders, mijzelf inclusief, is het speelveld oneerlijk geworden. Het wordt tijd die curlingbezem neer te leggen en een stap terug te doen. De ijsbaan hoeft niet perfect. Laat ze op hun bek gaan. Ze krabbelen heus wel weer op. Wij plakken die pleisters wel.
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))